DeurneWiki een encyclopedie over, voor en door Deurne(naren)!
U kunt ons steunen door lid of vriend van Heemkundekring H.N. Ouwerling te worden.
Iedere woensdagochtend zijn wij tussen 10 en 12 uur in het heemhuis: Stationsstraat 73.

Antonia Joosten (1912-2009)

Uit DeurneWiki, de historische encyclopedie voor groot-Deurne.
Ga naar: navigatie, zoeken
Antonia Joosten (1912-2009)
Antonia Joosten (1912-2009) LR.jpg
Persoonsinformatie
Volledige naam Antonia Joosten
Roepnaam zuster Antonetta
Geboorteplaats Deurne
Geboortedatum 13 maart 1912
Overl.plaats Tilburg
Overl.datum 4 september 2009
Beroep(en) religieuze, portierster, groepsleidster
Zuster Antonetta in de missie 1965, foto archief Zusters van Tilburg

Antonia (zuster Antonetta) Joosten (1912-2009) was een religieuze, afkomstig uit Deurne.


Ze was de jongste uit een gezin van acht kinderen van de veenarbeider Antonius Joosten (1864-1927), die in Liessel op het Loon woonde, en Catharina van Leunen (1868-1918). Haar moeder stierf toen ze zes jaar oud was.

In januari 1935 deed zij haar intrede in de congregatie van Onze Lieve Vrouw van het Heilig Hart te Tilburg en op 25 augustus 1936 legde zij haar geloften af.

Na haar professie werkte ze verschillende jaren voor bejaarde mensen, in Hooglanderveen en Mariëngaarde. Ook was ze nog vier jaar portierster in Eindhoven.
In 1952 vertrok ze met een aantal medezusters naar de missie in Papoea. Daar lag haar voornaamste taak in het internaatswerk in Merauke en Kepi. Zo droeg ze bij aan de vorming van talloze meisjes die zich voorbereidden op hun plaats en taak in het leven. Ze was zes jaar leidster in Mindiptana.

In 1985 kwam ze voorgoed terug naar Nederland. De laatste jaren had ze zelf verzorging nodig, die ze dankbaar aanvaardde. Langzaam namen haar krachten af en ze verlangde naar de hemel. Ze koos als tekst voor haar bidprentje:
Zuster Antonetta klaar voor vertrek naar de missie in 1952, foto archief Zusters van Tilburg

Eens zing ik mee
en God zal ’t eeuwig horen,
mijn stem in d’englenkoren,
golf in die zee.

O eng’len wacht op mij
voor ’t heerlijk refrein,
wanneer wij vrij, o eind’lijk vrij
en met U samen zijn.