U steunt de heemkundekring door lid of vriend te worden.
Tot nader bericht geen woensdagochtendbijeenkomsten in het heemhuis.

Helmondseweg 109

Uit DeurneWiki, de historische encyclopedie voor groot-Deurne.
Naar navigatie springen Naar zoeken springen
Advertentie in De Zuid-Willemsvaart van 19 december 1908 (Delpher).

De bewoningsgeschiedenis van het adres Helmondseweg 109, voor 1953 aangeduid als B.127, is nauw verbonden met de families Meulendijks, Matheij en Van Kessel en gaat terug tot 1870.


In november 1845 besloot de gemeenteraad van Deurne om 150 hectare heide en brakgrond publiek te verkopen om met de opbrengst daarvan, die op duizend gulden werd geschat, wegen aan te leggen en te verbeteren, aanplantingen te doen en bossen aan te leggen. Kort daarop werd Antonie Meulendijks eigenaar van een perceel heide van 4.500 m², gelegen aan de huidige Helmondseweg maar destijds niet meer dan een zandpad dat de Hellemanschedijk heette. De blik was vanuit hoeve De Kleine Bottel, waar Antonie geboren was, destijds meer gericht naar de oostelijk gelegen Helleman dan naar Helmond.

Na het overlijden in 1860 van de ongehuwd gebleven Antonie Meulendijks werd zijn bezittingen onder zijn broers en zus verdeeld. Het genoemde perceel werd daarbij eigendom van zijn broer Peter Meulendijks. In 1870 bouwde hij op dat perceel zijn nieuwe woning.

Toen Peter Meulendijks op 16 april 1873 zijn bezittingen flink uitbreidde door aankoop van ruim 2,6 hectare gedeeltelijk ontgonnen grond van Jacob Timmerhans van Abcoude en daarvoor 1.250 gulden betaalde, moest hij wel een hypotheek op zijn huis en andere bezittingen nemen.

Na het overlijden van hun ouders lieten de kinderen Meulendijks op 16 december 1880 in de herberg van Pieter Truijen alle nagelaten onroerende goederen in 18 kopen publiek veilen. De eerste koop was het huis met erf, tuin, bouw- en weiland, destijds sectie B 1036 en B 1037, groot 0.70.40 hectare. Het huis werd echter bij deze verkoop niet toegewezen. De twee ongehuwd gebleven jongste kinderen van Peter, namelijk Martinus en Johanna, bleven er wonen. Op 18 oktober 1881 namens zij op het huis en enkele andere onroerende goederen een hypotheek van 500 gulden bij het burgerlijk armbestuur van Vlierden om daarmee hun vier zussen uit te kopen en daarmee alleen eigenaar te worden.

Na het overlijden van Martinus Meulendijks in 1895 werd zijn zus Johanna alleen eigenares. Op 7 en 21 januari 1909 liet Johanna, die inmiddels in Helmond woonde, het huis en een aantal andere onroerende goederen door gemeenteopzichter Dorus van de Weijer publiek verkopen. Dat gebeurde provisioneel in de herberg van Johan van Baars en definitief in die van Jacques Goossens. De eerste koop betrof dezelfde goederen als bij de verkoop van 1880. Deze keer werd de spoorwegarbeider Jacob Matheij de nieuwe eigenaar voor een bedrag van 770 gulden.

In 1925 verkocht Jacob Matheij het huis aan Theodorus van Kessel.

Na een verbouwing rond 1941 verkocht Theodorus van Kessel het huis rond 1954 aan zijn zoon, de begrafenisondernemer Harrie van Kessel. Hij liet het oude huis midden jaren 1960 slopen en bouwde iets ten zuidoosten daarvan een nieuw pand met adres Helmondseweg 109c. Het nieuwe pand Helmondseweg 109 verscheen in 1987 op de plek van het oude huis. In het boek Het levenswerk van een begrafenisondernemer - 50 jaar Van Kessel Uitvaartverzorging zijn twee foto's opgenomen van het oude pand.