U steunt de heemkundekring door lid of vriend te worden.
We zijn weer op afspraak en onder voorwaarden op woensdagochtend
van 10 tot 12 uur in het heemhuis. Maak hier je afspraak..

Waltherus Dominicus Kerssemakers (1852-1917)

Uit DeurneWiki, de historische encyclopedie voor groot-Deurne.
Naar navigatie springen Naar zoeken springen
Waltherus Dominicus Kerssemakers (1852-1917)
Kerssemakers, waltherus d 1852-1917 LR.jpg
Persoonsinformatie
Volledige naam Waltherus Dominicus Kerssemakers
Geboorteplaats Gestel
Geboortedatum 25 april 1852
Overl.plaats Deurne-Helenaveen
Overl.datum 13 maart 1917
Beroep(en) geestelijke, pastoor
Bidprentje NBA

Waltherus Dominicus Kerssemakers (1852-1917) was pastoor van Helenaveen van augustus 1896 tot aan zijn dood in 1917.


Hij was een zoon van de Gestelse textielfabrikant Godefridus Kerssemakers (1794-1873) en de burgemeestersdochter Maria Catharina de Wit (1809-1879). Zijn moeder was afkomstig van Zeelst. Na zijn priesterwijding was hij achtereenvolgens assistent te Dommelen en kapelaan te Budel en Kaatsheuvel.
In 1896 werd hij na het overlijden van zijn voorganger pastoor Bijnen benoemd als pastoor te Helenaveen.
In Helenaveen bezocht hij regelmatig café van Hendrikus van Oers (1862-1927) om te controleren of er geen drankmisbruik was en om de te jonge gasten naar huis te jagen.[1] Één van de markante uitspraken van pastoor Kerssemakers was: Ge kunt de mensen nooit te dom veronderstellen.[2]
Vanaf 1916 was pastoor Kerssemakers zo ziekelijk dat hij zijn taak in Helenaveen niet meer alleen aan kon en kwam Augustinus van Haaren, tot dan rector van huize Ruwenberg in Sint-Michielsgestel, hem assisteren. Na zijn overlijden volgde pastoor Van Haaren hem, formeel met ingang van 30 maart 1917, op als pastoor van Helenaveen.

Kerssemakers werd in 1906, voor zover bekend, de eerste eigenaar van een gemotoriseerd voertuig met kenteken in de toenmalige gemeente Deurne en Liessel. Zijn motorfiets, van het merk Simplex, droeg het kenteken N-78.[3]

In 1914 bepaalde hij in zijn testament dat na zijn overlijden zowel zijn huishoudster Engelina (Emelie) Lammers (1853-1930) als zijn dienstknecht Cornelis (Kees) Johannes van Teeffelen (1864-1928), die tevens koster van Helenaveen was, ieder 200 gulden uit zijn erfenis zouden ontvangen.

In 1967 werd in Helenaveen de Pastoor Kerssemakersstraat naar hem genoemd.
Pastoor Kerssemakers ligt begraven op de katholieke begraafplaats van Helenaveen.

Bronnen, noten en/of referenties