DeurneWiki een encyclopedie over, voor en door Deurne(naren)!
U kunt ons steunen door lid of vriend van Heemkundekring H.N. Ouwerling te worden.
Iedere woensdagochtend zijn wij tussen 10 en 12 uur in het heemhuis: Stationsstraat 73.

Jan Hendrik Maria Hermans (1907-1974)

Uit DeurneWiki, de historische encyclopedie voor groot-Deurne.
Ga naar: navigatie, zoeken
Jan Hendrik Maria Hermans
Persoonsinformatie
Volledige naam Jan Hendrik Maria Hermans
Roepnaam Jan
Geboorteplaats Horst-Griendtsveen
Geboortedatum 13 augustus 1907
Overl.plaats Deurne
Overl.datum 16 maart 1974
Partner(s) Cornelia (Corry) Maria van den Eijnde (1917-2009)
Beroep(en) onderwijzer
RK Jongensschool in Liessel in 1932 op L.41: Schoolstraat 8.
Vlnr: Johannes Lambertus Jozef van Hees (1909-1994), Ludovicus Hubertus Rouschop (1906-1940), Adrianus Carolus Gerardus Franciscus van Rijswijk (1898-1965), Leonardus Jacobus van Lierop (1878-1948), Jan Hendrik Maria Hermans (1907-1974).

Jan Hendrik Maria Hermans (1907-1974) was van 1929-1972 onderwijzer aan de RK Jongensschool in Liessel.


Jan was een zoon van winkelier Michel Adolf Louis Hermans (1868-1910) en Petronella Mathea Beijes (1872-1941). Zijn vader was afkomstig van Venlo en zijn moeder van Helden.

Hij huwde met Cornelia (Corry) Maria van den Eijnde, (Deurne 21 augustus 1917 - Deurne 30 april 2009), dochter van schoenmaker en winkelier Johannes van den Eijnde (1881-1951) en Geertruida (Carolina) van den Heuvel (1884-1964).

De volgende kinderen werden uit dit huwelijk geboren:

  1. Petronella C.M. (Nel), (Deurne 25 september 1949 - 9 juli 1974), overleden door een ongeluk.
  2. Ine, huwde Frans Habraken.
  3. Jan, huwde Rika van Rijn.

Zijn moeder verhuisde op 26 februari 1924 met haar gezin van Horst-Griendtsveen naar Deurne. Zij gingen wonen aan de Stationsstraat B.61, later Kwikstraat, Molenstraat A.224 en Lindenlaan E.98.
Vier maanden later, op 24 juni 1924, vertrok Jan zelf voor een periode van ruim drie jaar naar Venlo. Hij kwam op 2 juli 1927 terug.

Meester Hermans, met als bijnaam de Frot, was een goedaardig mens. Hij woonde te ver van school vandaan om thuis zijn middagmaal te nuttigen. Daarom kreeg hij de taak toegewezen een oogje in het zeil te houden op de overblijvers tijdens de middagpauze. Soms vroeg hij een van de jongens die hij het meest vertrouwde een fles donker bier voor hem te halen bij café Van Eijk. Tegen het einde van de oorlog, toen alles op de bon was en moeilijk of niet te verkrijgen, vroeg hij wel eens graag een boterham te willen ruilen voor een met spekstreuf van een van de jongens.

Het is hem overkomen dat hij aangevallen werd door twee lange slungels van de zesde klas die op de knieën voor het bord moesten zitten tijdens het middaguur vanwege een of andere overtreding en welke op een bepaald moment, toen hij de rug gekeerd had, hem plotseling aanvielen. De meester wist zijn kant te keren en bleef hen daarna met de aanwijsstok in de hand gadeslaan.