Welkom op DeurneWiki - de encyclopedie voor de gemeente Deurne

U kunt ons steunen door lid of vriend van Heemkundekring H.N. Ouwerling te worden.
Iedere woensdagochtend zijn wij tussen 10 en 12 uur in het heemhuis: Stationsstraat 73.

Kannenbuizen uit Zeilberg

Uit DeurneWiki, de historische encyclopedie voor groot-Deurne.
Ga naar: navigatie, zoeken
Het terrein van de opgraving in 1994. De bossage links stond op de Peelrandbreuk.
De eerste opgraving van 1994 met vlnr. Jeroen Scharroo, Luuk Keunen, Jan van Ooij, Jozef Boerenkamp, Gerard Koek, een Engelsman Lenn .... en Stien Koek-van Ooij.
Anton Vissers tijdens de opgraving van 2009.
De kannenbuizen in situ bij de opgraving in 2009.
Kannenbuis met glazuurspoor.jpg
Detail kannenbuis met cijfer 52 IMG 5947.jpg
Kannenbuizen.jpg

De kannenbuizen uit Zeilberg nabij de Doctor Huub van Doorneweg vormden de oudst bekende waterleiding van Deurne.


In 1994 werd in Zeilberg tussen de spoorlijn en sportpark De Kranenmortel door Jozef Boerenkamp bij het aanleggen van een vijver een oude waterput van gestapelde tapse en rechthoekige bakstenen ontdekt. Daaruit bleek een waterleiding van kannenbuizen te ontspringen, die vanuit de waterput aan de rand van de Peelhorst in westelijke richting loodrecht door de Peelrandbreuk liep. Eerder was daar door de voormalige Provinciale Noord-Brabantse Electriciteits Maatschappij (PNEM, na de privatisering in 1997 Essent genaamd) een verdeelhuisje gebouwd. Het is niet bekend of bij de aanleg van de funderingen van dat huisje kannenbuizen zijn gevonden. Mogelijk bevinden de kannenbuizen zich hier nog intact in de bodem.

Jozef Boerenkamp waarschuwde enkele leden van de heemkundekring, waaronder Jan van Ooij, Jan van de Mortel en Anton Vissers. Er werd besloten tot een provisorische opgraving ten westen van het verdeelhuisje om te bezien of de waterleiding daar verder liep. Dat bleek inderdaad het geval te zijn en bij die gelegenheid werd een gedeelte van de waterleiding opgegraven.

De leiding bleek te bestaan uit genummerde rode kannenbuizen, die naar alle waarschijnlijkheid ter plekke door de Zeilbergse pottenbakkers gevormd en gebakken zijn. De leiding zorgde in droge zomers waarschijnlijk voor watertoevoer naar een pottenbakkerij.

Het perceel waar de kannenbuizen lagen, was, ondanks aandringen van de archeologische werkgroep van de heemkundekring, niet op de gemeentelijke archeologische waardekaart van Deurne aangegeven en er werd in 2009 een bouwvergunning afgegeven zonder verplichting voor een archeologisch onderzoek. Van maandag 14 tot en met donderdag 17 september 2009 werd toen tijdens een noodopgraving door leden van de heemkundekring onder leiding van de archeoloog Nico Arts nog een deel van die waterleiding opgegraven.

Kort na de opgraving werd de bouwput verder uitgegraven. Daarbij werd een kleine kuil gevonden met daarin onder andere scherven van een kan van steengoed uit Siegburg (D.), daterend uit de veertiende eeuw. Aannemelijk is dat deze kuil gerelateerd kan worden aan de middeleeuwse bewoning van het buurtschap Kranenmortel.

De kannenbuizen hebben brede spiraalvormige draairingen die ontstaan zullen zijn doordat deze producten in een snel tempo gedraaid zijn. Twee buizen zijn na het draaien op het dikste deel dunner gemaakt door er reepjes af te snijden. Dit lijkt niet functioneel, wellicht was de pottenbakker zuinig op zijn klei.

Op elf exemplaren na zijn de buizen genummerd waarbij de nummers zijn aangebracht in de nog zachte klei. Kennelijk gaat het hier om een soort bouwpakket waarbij de pottenbakker de in elkaar passende buizen op de juiste volgorde nummerde, zodat ze na het bakken op de juiste volgorde in elkaar konden worden gestoken. In de volgorde van de buizen, zoals die in september 2009 werd aangetroffen, zijn de buizen echter slechts globaal op volgorde in elkaar gestoken: 42, 43, 54, 51, ?, 56, 54, 52, ?, 65, 68, 66, 60, 71, 76, 69, 73, 87, 74, 63, 80, 68, 64, 85, 61, 62, 83, 82, 77, 91, 84, 86, ?, 81, 76, 91, 94, 92, 73, ?0, 95, 90, 67, 98, 75, ?, 88, ?, ? (de vraagtekens zijn meestal ongenummerde buizen). In sommige gevallen is boven het cijfer ‘1’ een punt in de klei gedrukt, zodat de leesrichting duidelijk is en het cijfer niet ondersteboven gelezen kan worden. Bij sommige andere cijfers is het nummer echter wel op twee manieren te lezen, dit geldt voor de 6 en 9 en 86 en 98. De vormgeving van de cijfers past in het handschrift zoals dat in de 17de eeuw gebruikelijk was in archiefstukken. In de insteek van de waterleiding werd slechts één scherf van geglazuurd roodbakkend aardewerk gevonden die waarschijnlijk uit de 17de eeuw dateert.

Kannenbuizen zijn zeldzame archeologische vondsten. Ofschoon waterleidingen van kannenbuizen reeds gedurende de Romeinse tijd bekend waren, lijken ze gedurende de late middeleeuwen en de vroeg-moderne tijd uitsluitend voor te komen in plaatsen waar pottenbakkers hebben gewerkt, zoals te Bergen op Zoom en in Oosterhout.

De kannenbuis werd als symbool en wisseltrofee genomen voor de tweejaarlijkse historische kennisquiz Deurne.

Een aantal kannenbuizen is tentoongesteld in de, door de werkgroep archeologie ingerichte, archeologiekelder in het heemhuis en tijdens de openingstijden gratis te bezoeken.

Bronnen, noten en/of referenties
  • N. Arts en A. Vissers - Pottenbakkers op de Zeilberg. Productieplaatsen van roodbakkend aardewerk te Deurne, 1613-1917, in: Brabants Heem 48, (1996) blz. 51-58.
  • Nico Arts en Anton Vissers - Kannenbuizen en pottenbakkers in Deurne - in: Westerheem (2011).